Museum Het Dolhuys in Haarlem door Kossmann.dejong

Met hun interieur voor museum Het Dolhuys toont Kossmann.dejong hoe vaag de grenzen zijn tussen gek en gezond, normaal en abnormaal. Hierbij maken de architecten optimaal gebruik van de geschiedenis van het pand, dat al zevenhonderd jaar een functie heeft in de geestelijke gezondheidszorg. Dwalend door een doolhof van dolcellen en zalen met films, prikkelende kreten, foto's en voorwerpen, ervaren bezoekers op allerlei niveaus hoe Nederland door de eeuwen heen met waanzin omging.

Het voormalige leprozen,- pest- en dolhuys in Haarlem dateert uit 1320 en lag destijds buiten de stadsmuren, net als de begraafplaats en de vuilnisbelt. Buiten de muren werden niet alleen dood en vuil gedumpt, maar ook de verworpenen van de samenleving. Met de groei van de nederzetting kwam Het Dolhuys echter in het hart van de stad te liggen.

Diezelfde ontwikkeling tekende zich af in de psychiatrie. Als gevolg van de vermaatschappelijking van de geestelijke gezondheidszorg zijn mensen met psychiatrische problemen steeds nadrukkelijker aanwezig op straat en in de buurt. Die ontwikkeling resoneert in het museum: hier móeten bezoekers zich wel verhouden tot het onbekende en het andere. Afzijdig blijven is onmogelijk.

Het volledige artikel verscheen eerder in de Architect, nummer 4, 2006, p94-95.